In Gesprek: Sammy Mahdi, staatssecretaris belast met de Nationale Loterij

Als sinds mensenheugenis is de Belgische perswinkel hét verkooppunt bij uitstek voor producten van de Nationale Loterij. Als openbare instelling heeft de Nationale Loterij het monopolie op publieke loterijen en verleent ze jaarlijks financiële steun aan verschillende doeleinden van openbaar nut. Yannick Gyssens, voorzitter van Perstablo en Walter Agosti van het dagelijkse bestuur, gaan in gesprek met Sammy Mahdi, staatssecretaris voor Asiel en Migratie, en belast met de Nationale Loterij.

Sammy Mahdi (CD&V) werd geboren in 1988 en is de zoon van een Irakese vader en een Belgische moeder. Van maart tot oktober 2020 zetelde Mahdi nog in de Kamer van volksvertegenwoordigers, tot hij op 1 oktober 2020 de eed mocht afleggen als staatssecretaris voor Asiel en Migratie, belast met de Nationale Loterij, toegevoegd aan de Minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing.

Beste heer Mahdi, eerst en vooral bedankt om met ons aan de tafel te schuiven.
Gewoonlijk ligt de verantwoordelijkheid voor de Nationale Loterij bij de minister van Begroting. Wat was uw reactie toen u vernam dat u naast Asiel en Migratie ook de verantwoordelijkheid voor de Nationale Loterij zou erven?

Mahdi: “Ik was aangenaam verrast en had het op voorhand ook niet zien aankomen. Aanvankelijk was het even aanvoelen wat er van mij verwacht werd, maar ik had al snel door hoe belangrijk deze functie wel is.”

“Er wordt wel eens lacherig gezegd dat ik de man ben die de cijfers van de Lotto op voorhand kent. Maar deze bevoegdheid gaat vooral om het handhaven van het kanaliseringsbeleid enerzijds, en het bekrachtigen van de maatschappelijke rol van de Nationale Loterij anderzijds. Zo zijn er jaarlijks tal van initiatieven, denk maar aan Child Focus of de Paralympics, die rekenen op de middelen van de Nationale Loterij om hun werking te verzekeren. Daarom wil nog eens duiden op het onderscheid tussen de Nationale Loterij (met zijn maatschappelijke opdracht) en andere private aanbieders, die eerder op winst uit zijn.”

Wat zijn enkele van de voornaamste agendapunten ten aanzien van de Nationale Loterij die u tijdens deze legislatuur wil aanpakken?

Mahdi: “Eerst wil ik vooral het kanaliseringbeleid correct handhaven. Ook zag ik in mijn jeugd wel eens tieners op een illegale leeftijd hun zakgeld kwijtspelen in allerlei gokspelen, dus ik hecht ook veel waarde aan de bescherming van de spelers en het terugdringen van illegale aanbieders én pseudo-perswinkels.”

“Daarnaast wil ik een bewustzijn creëren dat de Nationale Loterij onderscheidt van private aanbieders. Wanneer de consument meespeelt met de Nationale Loterij, doet die eigenlijk een investering in goede doelen, niet zozeer een investering in de droom om het miljonair te worden. Met een transparante werking wil ik ervoor zorgen dat de Nationale Loterij ook niet verglijd naar dat laatste, zoals dat wel vaak het geval is bij private aanbieders.”

“Ook wil ik verder werken aan de bescherming van het verkoopnetwerk. Dat is namelijk goed voor ongeveer 75% van de omzet van de Nationale Loterij, meer dan 50% daarvan komt uit de Belgische perswinkels, wat niet min is. Tot slot is er het digitaliseringstraject. De rol van het digitale in onze samenleving is niet meer te onderschatten, en de strategie van de Nationale Loterij moet dus modern genoeg zijn om de consument te doen kiezen voor haar manier van kanalisering. Die digitale strategie mag echter niet ten kosten gaan van het klassieke verkoopnetwerk. Net die evenwichtsoefening is volgens mij de grootste uitdaging.”

Gyssens: “Is het niet juist de digitalisering die drempelverlagend werkt, waardoor kansspelen toegankelijker worden voor iedereen? Is dat geen gevaarlijke piste?”

Mahdi: “Ik denk dat alles toegankelijker is geworden door digitalisering, van concerttickets tot illegale handel op het “dark web”. De vraag is gewoon: hoe gaan we daarmee om? Digitalisering volledig een halt toe roepen heeft volgens mij weinig zin, gezien het digitale netwerk toch poreus is. Men vindt wel een manier.”

“De opdracht is om het publiek te doen inzien dat de Nationale Loterij een sterk merk is, met een maatschappelijk opdracht van aanzienlijk belang. Ook daar geloof ik dat de perswinkel als verkooppunt zijn steentje in bijdraagt.”

Tot nu toe is de Nationale Loterij ontsnapt aan de liberalisering van diensten in de Europese Unie. Verschillende Europese lidstaten behouden immers de controle over de kansspelmarkt om het gokken in goede banen te leiden. De exclusiviteit van de Nationale Loterij kan dus in zekere zin een afwijking op de Europese norm genoemd worden.

Er worden regelmatig klachten bij de Europese Commissie ingediend tegen monopolies in de kansspelsector, waaronder ook tegen de Nationale Loterij. Zo hebben we in de EU al het Gambelli-arrest en het Placanica-arrest gezien.

Denkt u dat deze afwijking nog lang kan duren?

Mahdi: “Ik denk dat we blij moeten zijn als lidstaat dat we zelf de bevoegdheid hebben gekregen om ons kansspelbeleid te bepalen. Zou dat niet het geval zijn, dan zou ik me zorgen maken over de kansspelsector, over het beleid gevoerd door de private spelers en over het verkoopnetwerk. Dit monopolie is bedoeld om de speler te beschermen, daarom vind ik het wel verantwoord om de overheid daar een unieke rol in te laten spelen.

“De kritieken daarop die u aanhaalt, komen vaak van illegale operatoren die via een juridische weg hun gelijk proberen te krijgen. Dus ik ben blij dat de lidstaten ons de ruimte geven om hierin zelf mee aan tafel te zitten, want er zijn genoeg illegale operatoren die de spelregels liever helemaal anders hadden gezien. Laten we blij zijn dat het geen wild west is: dat zou noch de verkooppunten, noch de samenleving, noch de Nationale Loterij ten goede komen.”

Gyssens: “Ik ben akkoord in de optiek dat een organisatie als de Nationale Loterij, met haar maatschappelijke rol, in zekere zin de macht van een beschermde monopolist verdient. Maar de groeistrategie van de Nationale Loterij, die immer haar verkoopnetwerk wil uitbreiden, zorgt toch wel voor veel wrevel bij de perswinkels. Het is namelijk niet fijn om te zien hoe andere verkooppunten als paddenstoelen uit de grond schieten rondom je eigen zaak.”

Mahdi: “De Nationale Loterij heeft in een ver verleden besloten om te diversifiëren in zijn verkooppunten, gezien een groot deel van de omzet ook toe te wijzen is aan impulsaankopen. Er was onder detailhandelaars de nood aan diversificatie in producten, dus besloot de Nationale Loterij om dat gat te vullen. Maar er heerst inderdaad een groot spanningsveld: op een bepaald moment snijdt zo’n veelheid aan verkooppunten geen hout meer, wanneer je bijvoorbeeld binnen bepaalde afstand meerdere concurrenten hebt. Die strategie moest versterkend werken, niet concurrentieel. Het is nu aan de politiek om daar op een verstandige manier een oplossing in te voorzien, rekeninghoudend met de perswinkeliers.”

“De Nationale Loterij moet opboksen tegen private gokaanbieders, dus ze staat voor een keuze. Of ze zet niet in op online verkoop en ze verdrinkt, samen met haar verkooppunten. Of ze zet in op een duurzame on- en offlineverkoop, waarin de Nationale Loterij en haar verkooppunten elkaar versterken.”

Gyssens: “De veelheid en de nabijheid van andere verkooppunten zorgt ervoor dat onze trafiek naar beneden gaat, wat erg belangrijk is voor een perswinkel. Laten we inderdaad streven naar een win-winsituatie in deze digitale transitie. Daarom pleit Perstablo voor een multichannelsysteem, waarbij digitale klanten gebonden worden aan een fysieke winkel en waarbij een winkel vergoed wordt indien zijn klant overschakelt naar online.

Sinds enkele jaren verzamelt de Nationale Loterij bij zijn verkooppunten tegen betaling de e-mailadressen van spelers (Lottery Club). Bij veel perswinkels boezemt dit de angst in dat hun klanten uitgenodigd zullen worden voor het digitale netwerk, met alleen maar nefaste gevolgen voor het verkooppunt. Hoe kan het fysieke verkoopnetwerk gerustgesteld worden dat zoiets niet de ambitie is van de Nationale Loterij?

Mahdi: “De Nationale Loterij, noch de verkooppunten hebben baat bij wederzijds wantrouwen. We zien ook goede voorbeelden van digitale initiatieven. Denk bijvoorbeeld aan de cadeaubonnen die toegestuurd worden aan Lottery Club leden om met korting in hun fysiek verkooppunt te gaan kopen. Anderzijds zagen we tijdens de eerste lockdown ook dat de Nationale Loterij opriep om te blijven spelen in fysieke verkooppunten, terwijl dat in vele buurlanden niet het geval was. Ik denk dat het correct gebruik van gegevens zoals e-mailadressen zowel de Nationale Loterij als zijn verkooppunten wederzijds voordeel kan brengen. Dus laten we zo’n initiatieven verder promoten.”

Tot slot mag het ook eens een ludieke vraag zijn. Speelt u wel een mee met de spelen van de Nationale Loterij? Zo ja, wat zou u met het geld doen indien u €130.000.000 zou winnen?

Mahdi: “Ik kom uit een tijd dat de vraag eerder was: ‘had jij 10 miljoen, wat zou jij dan doen?’. Maar ik zie dat de bedragen flink omhoog zijn gegaan! Ik speel vandaag zelf niet op de Nationale Loterij, maar mijn vader vroeger wel. Toen mochten de kinderen elks twee nummers invullen, dat kwam mooi uit. Als ik nu zou meedoen en ik zou winnen, dan is dat volgens mij niet gunstig voor de publieke opinie tegenover de Nationale Loterij. Maar met 130 miljoen euro zou ik toch al een deel van het gat in de begroting vullen. Weet je: ik gun het vooral andere spelers!”