In gesprek met minister-president Jan Jambon

Minister-president Jan Jambon maakte tijd vrij om aanwezig te zijn op de Dag van de Perswinkel. In zijn speech beloofde hij een ambassadeur te willen zijn voor de perswinkels om op beleidsniveau de problematiek te bespreken én ook aan te pakken. Want hoewel vele punten een federale bevoegdheid zijn, wil de minister-president zich hier niet achter verstoppen. “Jullie kunnen op mij rekenen. Jullie verdienen een plaats in de dorpskern, dat heeft de afgelopen coronacrisis duidelijk aangetoond.”

De aftermovie van de Dag van de Perswinkel

Iets voor half tien zaterdagochtend 16 oktober. Minister-president Jan Jambon stopt voor de tent waar de Dag van de Perswinkel van start ging. Opgewacht door Perstablo-voorzitter Yannick Gyssens en ambassadrice Loes Van den Heuvel. Handen werden geschud (en ontsmet). Daarna kreeg minister-president Jan Jambon een rondleiding in een perswinkel. “Dat is een heel moderne winkel. Je kan hier zelfs sigaren kopen”, schrok meneer Jambon. Daarna nam hij zelf even plaats achter de toonbank en bediende hij samen met Loes enkele klanten want voor de nodige hilariteit zorgde. “Hoe werkt zo een kassa eigenlijk”, wierp de minister-president op. Vakkundig geholpen door de medewerkers kon een klant zijn krant en weekblad betalen. “Zo dat ging vlotjes.”

U hebt vandaag eens achter de toonbank mogen plaatsvinden maar gaat u zelf wel eens naar een perswinkel en wat koop u er dan?

“Uiteraard. Ik denk dat elke Vlaming wel eens een perswinkel binnenstapt. Voor mij kan dat zijn voor een dag- of weekblad, of misschien een enveloppe of een kaartje om af te geven bij een speciale gelegenheid.”

De minister-president kroop even zelf achter de toonbank

Deze winkels hebben het erg moeilijk om te overleven en zijn op zoek naar hun identiteit. Kan de overheid hen helpen te overleven?

“De maatschappij is de afgelopen decennia meer en meer geëvolueerd naar een digitale wereld. Ook de afgelopen coronaperiode heeft de digitale vorm van samenleven alleen maar verder aangesterkt. Het is dus begrijpelijk dat perswinkels, die gesteund zijn op de verkoop van voornamelijk pers maar ook tabak en kansspelen, hier de impact van ondervinden.

De meeste bevoegdheden hieromtrent zitten echter bij de federale overheid. Wel maken perswinkels deel uit van de lokale middenstand, en spelen zij een rol in handelskernen. De Vlaamse overheid hecht veel belang aan een bruisende lokale middenstand, als bron van leefbaarheid en sociale cohesie. Dit dient echter ook te gebeuren door de lokale besturen. Want naast digitaal kopen werd ‘dankzij’ de coronacrisis ook het lokaal kopen belangrijk. We willen de lokale besturen hier volop in ondersteunen.”

Ik wil de uitbaters uitdrukkelijk bedanken voor hun dagelijkse inzet, in het bijzonder tijdens corona.

minister-president Jan Jambon

In uw speech zei u dat u de problemen wil voorleggen aan uw collega De Croo.

De meeste bevoegdheden bevinden zich op federaal niveau maar ik wil me daar niet achter verstoppen. Elke maand zit ik samen met minister Alexander De Croo en ik zal jullie eisen en bezorgheden overmaken aan hem. Ik wil gerust jullie ambassadeur zijn. De uitdagingen waar deze winkels voor staan, zijn nog maar een begin. De digitalisering kan je niet stoppen en bovendien is dat iets waar we als overheid sterk op inzetten omdat de mensen dat ook vragen. Kijk, we moeten samen nadenken hoe we die dorpskernen bruisend blijven houden. In de eerste plaats is dat iets waar lokale besturen op moeten inzetten maar als overheid kunnen wij hen daarin ondersteunen. Ook op die manier kunnen jullie op mij rekenen. Er is een plaats voor jullie en dat heeft deze coronacrisis bewezen.

De afgelopen coronacrisis hebben deze winkels hun nut bewezen. Ze zorgden voor sociaal contact terwijl andere winkels de deuren moesten sluiten. Het zou zonde zijn als deze winkels zouden verdwijnen?

De coronacrisis was voor iedereen een moeilijke periode waarbij het sociaal contact sterk verminderd werd en waarbij enkel de meest ‘essentiële’ winkels open bleven. Laat ons hopen dat we nooit meer naar dergelijke situatie moeten gaan en alle lokale middenstand hun activiteiten kan blijven uitoefenen. Als één van de weinige zaken die open mochten blijven zorgde zij in het ergste van de crisis voor het beetje sociale contact van vele mensen. Dat zag ik ook bij ons in het dorp. Deze winkels zorgden voor leven en je merkte dat mensen wat langer bleven voor een babbeltje. Ik wil de uitbaters vandaag dan ook uitdrukkelijk bedanken voor hun dagelijkse inzet, in het bijzonder tijdens corona. Want jullie zijn tijdens de ergste periodes ook in die frontlinie blijven werken, ook al was er een gevaar voor jullie gezondheid.

Wat vindt u van het initiatief van de Dag van de Perswinkel?

Ik vind het een prachtig initiatief. Iedereen verdient het om minstens één keer per jaar in de bloemetjes gezet te worden, en dus ook de perswinkels. Ook was ik aangenaam verrast door het uitgebreide ontvangst van voorzitter Yannick Gyssens en zijn gasten. En ik vond het een eer om Loes Van den Heuvel te mogen ontmoeten. Loes komt al jaren bij ons de huiskamer binnen in de rol die we allemaal kennen.

U was een van de genodigden op deze dag, waarom wilde u er graag bij zijn? 

Ik ben minister-president van alle Vlamingen, van alle ondernemingen, klein of groot. Wanneer zij in de bloemetjes gezet worden vind ik het de normaalste zaak van de wereld dat ik daar ook aanwezig ben om hen ook persoonlijk in de bloemetjes te zetten.