In gesprek: Danny Van Assche (Unizo) en Yannick Gyssens (Perstablo)

Winkelhieren is uitgeroepen tot woord van het jaar 2019. Dat is vooral een pluim op de hoed van zelfstandigenorganisatie Unizo, die het lanceerde tijdens een campagne om winkelen bij de lokale handelaar te promoten. De boodschap is zeer gelijkaardig aan de campagne van Perstablo ‘Uw Krantenwinkel, Hart van uw Buurt’ begin 2019. Onze redactie trok samen met Perstablo-voorzitter Yannick Gyssens naar het hoofdkantoor van Unizo voor een gesprek met gedelegeerd bestuurder Danny Van Assche. “Ik ga elke dag naar mijn krantenwinkel. Nadat ik de kinderen aan school heb afgezet, ga ik mijn krant halen en vertrek ik naar Brussel.” 

Wat was de belangrijkste reden voor Unizo om Winkelhieren te lanceren? 

DANNY VAN ASSCHE: “Er heerst vooral een ongerustheid rond het e-commerce. Jaarlijks wordt 5,5 miljard online gekocht in het buitenland. Zij betalen hier geen belastingen en zorgen evenmin voor tewerkstelling. Dat heeft een enorme impact op ons commercieel weefsel, bijvoorbeeld de toenemende leegstand. Als je je eigen dorp met een gezellige kern met een bakker en een krantenwinkel belangrijk vindt, dan moet je daar ook af en toe gaan kopen, anders verdwijnen ze. Het gaat vooral om een bewustwording van de consument: koop online bij een handelaar van hier. Die winkelier geeft ook iets terug aan de lokale gemeenschap. Zo hebben we berekend dat zij gemiddeld 1.600 euro per jaar aan sponsoring besteden.” 

Jullie viseren dus de e-commerce en willen mensen aansporen om lokaal te kopen? 

DANNY VAN ASSCHE: “Ja, maar de campagne richt zich niet enkel op de consument, maar bijvoorbeeld ook op de overheid. Aan hen vragen we een verbod op gratis retour.” 

YANNICK GYSSENS: “Daar kan ik absoluut in volgen, want dat zorgt voor een enorme toevloed bij krantenwinkels. E-commerce zorgt voor extra vervuiling, dus we zijn blij met het initiatief van Unizo. De vraag is alleen of er geen te groot verschil is tussen online in het buitenland en onze producten.” 

DANNY VAN ASSCHE: “Vandaar ook onze vraag aan de overheid voor het gelijke speelveld, zoals bijvoorbeeld lasten op arbeid, distributiekosten in het buitenland, enzovoort. De grote spelers ter wereld, zoals Amazon, Alibaba, moeten nog deftig ontwikkeld worden in Europa. Het is dus van groot belang om nu actief in te zetten op het speelveld bepalen.” 

Welke rol ziet u dan weggelegd voor de lokale handelaar? 

DANNY VAN ASSCHE: “We moeten de handelaars overtuigen om ook online actief te zijn met een eigen website. De lokale insteek is belangrijk, ook in tijden van internationalisering. We kunnen niet concurreren op prijs, maar wel op service en nabijheid. Iets dat je online hebt bekeken, kan je vinden in de winkel. Die website is eigenlijk onze online etalage, nadien komen mensen dan naar de winkel. Als bol.com of Zalando die service moeten leveren, moeten ze winkels uitbouwen en stijgt de kostprijs.” 

Plukt die lokale krantenwinkel ook de vruchten niet van de e-commerce, want je kan op veel plekken pakjes ophalen? 

YANNICK GYSSENS: “Er zit absoluut geen verdienmodel achter, waar we als krantenwinkels iets aan hebben in ruil voor de service die we bieden. PostNL zet pakjes bij ons af waar we 15 eurocent aan verdienen, om nog maar te zwijgen over de verdiensten die een krantenwinkel kan verkrijgen met Mondial Relay. Bpost heeft dan weer de vaste vergoeding geschrapt, wat een serieuze aderlating voor menig Postpunt betekende. Bpost heeft wel de intentie om samen met de federaties voordelen uit te werken om dit financieel verlies deels op te vangen.” 

DANNY VAN ASSCHE: “Een krantenwinkel die lang open is, is de ideale plek voor die pakjesdienst, ook al omdat we zo een overvloed aan camionettes in het straatbeeld vermijden. Maar het is onaanvaardbaar dat dat stockagemodel niet voldoende wordt vergoed. Bij retour ook, daar moet gewoon een deftige prijs voor betaald worden. De consument moet aanvaarden dat er wel degelijk een kost aan verbonden is.” 

YANNICK GYSSENS: “Kan er geen systeem zijn, waarbij je bijvoorbeeld bij afhaling ter plaatse 1 euro moet betalen?” 

DANNY VAN ASSCHE: “Dat is zeker aanvaardbaar, want er wordt een dienst aangeboden. Mijn oproep aan ondernemers is dan ook om die service van warmte, vriendelijkheid, toegankelijkheid en tevreden klanten absoluut waar te maken.” 

Het zijn ook waarden die de krantenwinkel typeren, als we terugdenken aan de campagne begin 2019? 

YANNICK GYSSENS: “Absoluut, krantenwinkels zijn de binding van het lokale weefsel. Er zijn plekken waar ze verdwijnen. We moeten dus zien hoe we daarmee omgaan, want onze drie pijlers kranten, tabak en kansspelen staan onder druk.” 

DANNY VAN ASSCHE: “Het belang van de krantenwinkel in uw buurt past ook helemaal in het verhaal van Winkelhieren. We mogen weliswaar niet afhankelijk zijn van de goodwill van de consument. Het mag geen klaagzang gaan worden van ‘Als je bij ons komt kopen, krijg je iets terug’. De grote uitdaging voor de krantenwinkel is om te vermijden in het scenario van een videotheek terecht te komen. De videotheek met alleen video’s is namelijk verdwenen. De tijd dat we dachten dat de papieren krant ten dode was opgeschreven, is voorbij. We gaan een moment meemaken dat tabak verboden is, en het blijft dus een uitdaging om de ontmoetingsplek in het midden van het dorp te zijn en te blijven.” 

YANNICK GYSSENS: “Momenteel is slechts 10 procent van onze krantenwinkels effectief aangepast aan de noden van een moderne samenleving.” 

Hoe zien jullie dan die rol van de krantenwinkel in de moderne maatschappij? 

DANNY VAN ASSCHE: “Door zaken als een koffiecorner te ontwikkelen of in te zetten op de verkoop van wenskaarten, kan de krantenwinkel zeker nog relevant blijven in de toekomst.” 

YANNICK GYSSENS: “Wij ijveren absoluut in de eerste plaats voor een eenstemmige definitie van de krantenwinkel. Die is reeds bepaald binnen de Federale Overheidsdienst Economie, maar zou officieel overal moeten geïntegreerd en gerespecteerd worden.” 

DANNY VAN ASSCHE: “De corebusiness is de verkoop van kranten en tijdschriften. Zowel persactoren als de overheid hebben een belangrijke rol in die erkenning. Ik stel echter vast dat uitgevers de winkel niet meer zien als eerste partner om hun product te verspreiden. Ze doen zelfs veel moeite om rechtstreeks abonnementen te verkopen, terwijl ze die krantenwinkel zouden moeten omarmen.” 

YANNICK GYSSENS: “Dat is zo geweest. Tot bpost met ruime subsidies op de proppen kwam om die krantenbedeling tegen zeer lage kost te gaan doen.” 

DANNY VAN ASSCHE: “Die subsidies zijn nu weer voor twee jaar verlengd, maar laat ons hopen dat de overheid nadien op andere gedachten komt. Want een subsidie van 170 miljoen euro voor bpost is toch wat overdreven.” 

YANNICK GYSSENS: “Terwijl wij gewoon juist hetzelfde doen: kranten verdelen en aan de man brengen.” 

Ik hoor wat kritiek op het beleid, zijn er zaken die ook de goede richting uitgaan? 

DANNY VAN ASSCHE: “Belangrijk in het Vlaams regeerakkoord is de inzet op een beleid van kernversterking. Gemeenten en dorpen moeten aantrekkelijk zijn voor mensen om te komen winkelen. Het huidige beleid maakt handelskernen kapot, dus ik ben blij dat er een apart hoofdstuk in het Vlaams regeerakkoord staat.” 

Dat is ook een goede zaak voor de krantenwinkel? 

YANNICK GYSSENS: “Absoluut, de krantenwinkel is een essentieel onderdeel van die dorpskern. Die zorgt voor ontmoeting, vertrouwen en interactie. Het is zowaar de sociale cohesie.” 

Meneer Van Assche, leest u zelf nog veel op papier? 

DANNY VAN ASSCHE: “Ik combineer online en op papier. Actueel nieuws krijg je de hele dag online binnen, maar sommige zaken lees je liever op papier. Het boek is ook al 10 jaar dood verklaard, maar dat is ook nog steeds niet zo.”