In de Kijker: Kaffie en Boukskies, voor een babbel en een krant

In het najaar van 2019 nam ex-OCMW-voorzitster Kaat Defoirdt (51) 
een dagbladhandel over in Otegem, een deelgemeente van het West-Vlaamse Zwevegem. Maar niet zomaar een dagbladhandel: diezelfde winkel werd namelijk in 1983 opgericht door Julienne, de moeder van Kaat. Ook dochterlief stond zélf tien jaar achter de toonbank van de toenmalige ‘Bookshop’.

Wat een geschiedenis! Vertel eens Kaat, waarom besloot je de oude dagbladhandel van je moeder terug over te nemen 

Kaat: “Ik heb na mijn tien jaar in de winkel een behoorlijke carrière achter de rug. Ik heb een tijdje in een supermarkt gewerkt en heb me daarna omgeschoold tot grafisch vormgever. Vervolgens heb ik tien jaar in de belettering gewerkt, waarna ik in de politiek ben gestapt. Ik werd schepen in Zwevegem en ben uiteindelijk 6 jaar lang OCMW-voorzitter geweest.  

“Toen ik op een dag voorbij de oude winkel reed en zag dat hij te koop stond, begon er een idee te borrelen. Ik merkte vanuit mijn ervaring bij het OCMW dat er in het dorp een nood was aan een laagdrempelige ontmoetingsplaats. Mijn nicht baat een lokale supermarkt uit en daar kwamen ouderen tot wel drie keer per dag langs, gewoon om een babbeltje te slaan. Toen ik die nacht in bed lag sprong de naam Kaffie en Boukskies met te binnen. Een krantenwinkel waar iedereen gezellig kon bijpraten. Het kostte me daarna nog heel wat moeite om mijn man te overtuigen, maar de sprong heb ik toch gemaakt!” 

“Het kostte me nog heel wat moeite om mijn man te overtuigen, maar de sprong heb ik toch gemaakt!” 

Kaffie en Boukskies, wat zit er achter die naam?  

Kaat: “Het dialect verwijst naar mijn roots en de verbinding met de lokale gemeenschap. Ik ben erg trots op Otegem, en heb ook heel mijn leven in deze buurt gewoond. Kaffie en Boukskies, wel ja, da’s wat je hier kan krijgen: je favoriete lectuur, een tas koffie en een goede babbel. Bij gebrek aan een nabijgelegen café wou ik mijn eigen ontmoetingsplek voor de lokale gemeenschap creëren, en dat is gelukt!” 

Verkoop je naast koffie nog dranken of gerechten? 

Kaat: “Ik verkoop natuurlijk het gewoonlijke snoepgoed zoals andere krantenwinkels, maar je kan hier bijvoorbeeld ook elke dag verse soep krijgen. Iedere tweede en vierde woensdag van de maand maak ik ook zelf taart, helemaal volgens het recept van mijn moeder.” 

“Verder bied ik geen speciale diensten aan. Ik doe bijvoorbeeld niet in pakketjes, wat voor veel mensen wel een verrassing is. De voornaamste reden daarvoor is de ruimte: ik heb liever een ruime winkel en een gezellig koffiehoekje, dan overal pakjes of andere rekken.” 

“Om het hier nog gezelliger te maken ben ik nu het tuintje volop aan het omtoveren tot een terras, daar kunnen klanten tijdens de zomermaanden volop van de zon genieten. Van zodra het coronavirus voorbij gewaaid is natuurlijk, want voorlopig ligt ook het koffiehoekje even stil.” 

“Nu ben ik het tuintje aan het omtoveren tot een terras, daar kunnen klanten tijdens de zomermaanden volop van de zon genieten.” 

Nu we het er over hebben, vind je het belangrijk dat krantenwinkels openblijven tijdens de coronamaatregelen?  

Kaat: “Ik begrijp de insteek van de overheid wel. Krantenwinkel spelen inderdaad een belangrijke rol in de informatiebedeling, zeker voor de oudere generaties. Ik vrees wel een beetje voor mijn eigen gezondheid en die van mijn familie. Mijn vader is 86 en hij kwam hier voordien vaak over de vloer, nu blijft hij gelukkig even weg. Ik zou niet willen dat hij iets krijgt.”  

Neem je zelf voorzorgsmaatregelen? 

Kaat: “Absoluut, ik heb meteen een plexischerm laten installeren en laat klanten contactloos betalen. Buiten staat een kistje met handschoenen en er hangt een poster met voorzorgsmaatregelen omhoog. Verder hangen er verschillende busjes handalcohol aan de muur en desinfecteer ik regelmatig mijn winkel.” 

Merk je dat er minder mensen langskomen? 

Kaat: “In de voormiddag is het hier nog steeds druk, maar de namiddagen stellen niet veel voor. Ook steeds minder mensen stoppen even voor of na hun werk, omdat de meesten van thuis werken.  Momenteel bekijk ik wat de drukke momenten zijn, zo kan ik mijn openingsuren eventueel wat aanpassen.” 

Wat is de volgende stap voor jouw winkel? 

Kaat: “Zodra mijn terras helemaal naar wens is, ga ik een aantal workshops proberen organiseren met mensen uit de buurt. Zo ken ik een vrouw die een workshop bloemschikken zou komen geven en iemand die zelf juwelen maakt. Ook een Mylène-avond, zoals een Tupperware-avond maar dan met verzorgingsproducten, staat zeker op het programma. Ik denk dat dat de sfeer in de lokale gemeenschap zeker ten goede zal komen!”  

“Zodra mijn terras helemaal naar wens is, ga ik een aantal workshops proberen organiseren met mensen uit de buurt.” 

Je laat het sociaal engagement van je tijden als politica nooit helemaal achter hé?  

Kaat: “Neen inderdaad. Ik ben nog wel politiek actief, zo zit ik nog in het Bijzonder Comité van het OCMW en zetel ik ook in de gemeenteraad. Ik denk gewoon dat Otegem écht nood heeft aan een leuke ontmoetingsplek. Ik ben momenteel de enige krantenwinkel in het dorp en er is ook nog maar één café.” 

Ben je blij dat er een federatie als Perstablo bestaat om krantenwinkels te verenigen?  

Kaat: “Zeker en vast. Zeker in coronatijden is het belangrijk dat iemand de belangen van dagbladhandelaars kan verdedigen. Ik lees ook elke keer het magazine en haal verrassend veel nuttige informatie vanop het forum. Ik blijf alvast een trouw lid!”